Hoe het komt dat...
De drie dochters
Mongools volksverhaal
Een vrouw had drie dochters waar ze alles voor deed. Rijk waren ze niet, maar de moeder zorgde ervoor dat de drie zusjes altijd voldoende te eten hadden, dat ze nette kleren hadden en er altijd fris en verzorgd uitzagen. Van 's morgens vroeg tot 's avonds laat zorgde de vrouw ervoor dat haar dochters niks tekortkwamen. Toen de meisjes oud genoeg waren om te trouwen, verlieten ze een voor een het huis van hun moeder.
De mooiste kerstboom
Traditioneel kerstverhaal uit Noord-Amerika
Er leefde eens een oude vrouw, die het de dag voor kerstmis erg druk had. Ze veegde de vloer, ze lapte de ramen en ze klopte de matten. In haar keuken maakte ze de heerlijkste lekkernijen voor het kerstfeest. Ze bakte koekjes en een cake. Ze kookte soep en ze maakte pudding. En terwijl ze zo druk bezig was, liep ze telkens langs de kerstboom, die in een hoekje stond en dan dacht ze: "Oh, de boom! De boom! Ik moet de kerstboom nog versieren!". Maar ze had het zo druk.
De regenboog
De zon scheen. Vrolijk strekte ze haar stralen uit naar de wereld onder haar. Ze verwarmde de grond, de planten, de mensen en dieren. Iedereen werd blij van haar. Dat wist ze zeker.
Maar wat gebeurde daar? Een donkere schaduw viel op de bossen en velden. Een grote grijze wolk schoof tussen de zon en de wereld.
Grootmoeder Spin
Een verhaal van de Hopi Indianen
Lang geleden, toen de wereld nog maar pas bestond, waren de aarde en de hemel nog niet van elkaar gescheiden. De hemel lag vlak boven de aarde: vogels vlogen vlak over de grond en dieren die konden rennen en springen hadden het gevoel dat ze vlogen.
Het halve Haantje
Volksverhaal, vermoedelijk Spaans
Er was eens een kip die een nest eieren uitbroedde. Toen de kuikentjes uit de eieren kwamen, was ze zeer tevreden. Eén, twee, drie waren al uit het ei gekropen, bol en pluizig, zoals kuikentjes horen te zijn.
Maar toen het vierde ei open ging kwam er maar half zoveel uit. Het vierde kuikentje had maar één pootje en één oog en één vleugeltje. Het was een half kuikentje!
Het nieuwsgierige uiltje
Volksverhaal uit Cambodja
Lang geleden, toen mensen en dieren nog met elkaar konden praten, leefden er in het bos een vader en moeder uil met hun kleine baby uil. Ze zorgden goed voor de kleine uil en elke keer als er een dier langs de boom met hun nest kwam, dan waarschuwden ze: “Oehoe, oehoe! Dit is onze boom!”
Toen de kleine uil groter werd, deed hij mee en als er dan iemand langsliep riep hij: “Hoe-oe, hoe-oe!”. “Hé,” zei zijn moeder, “je kunt niet zomaar iets anders roepen. Je moet ‘oehoe oehoe’ roepen, net zoals elke uil!” Het kleine uiltje beloofde dat te doen.
Hoe de aardbei op de wereld kwam
Een mythe van de Cherokee indianen in Noord-Amerika
Toen de wereld nog jong was, leefden Eerste Man en Eerste Vrouw in een hutje aan de rand van het bos. Eerste Man ging iedere dag op jacht. Hij ving konijnen, vossen en andere dieren. Die roosterde hij boven het vuur en zo hadden ze te eten. Eerste Vrouw maakte de huiden schoon en maakte daarvan kleren. Ze kwamen niets tekort en waren heel gelukkig samen.
Hoe Een op de eerste plaats kwam
Verhaal uit Samoa
Hier ver vandaan, op het eiland Samoa, leefden lang geleden eens een man en een vrouw. Ze hadden veel kinderen: wel tien jongens en één meisje. Het meisje heette Sina, en de jongens heetten Tien, Negen, Acht, Zeven, Zes, Vijf, Vier, Drie, Twee en Een. Wanneer de vader en moeder wilden weten of alle kinderen thuis waren, telden ze altijd hardop: "Tien, Negen, Acht, Zeven, Zes, Vijf, Vier, Drie, Twee en Een."
Hoe het vuur verstopt werd in elke boom
Een scheppingsverhaal van de Noord-Amerikaanse Indianen
Lang, heel lang geleden behoorde al het vuur toe aan drie Vuurwezens, en die hielden het weggestopt in hun tipi, hoog boven op de top van een berg. Ze wilden het vuur met niemand delen en bewaakten het zorgvuldig, dag en nacht. Dus toen het winter werd, en de gierende wind loeide en sneeuw de aarde bedekte, hadden mannen, vrouwen en kinderen niets om zich mee te verwarmen. Geen vuur, geen warm eten, niets.




